Wat je moet weten voor je kleding maakt #03

Ben jij al klaar om met je eerste project te beginnen? Heb je een leuk patroon kunnen vinden? Dan is het nu belangrijk je maten goed op te meten. De maat die je normaal in de winkel koopt, is lang niet altijd de maat die je voor patroon moeten overnemen. Daarom lees je hier meer over het hoe en waarom van maatnemen.

Check altijd de maattabel

Elk boek en merk hanteert zijn eigen maattabel. Daarom is het altijd belangrijk jouw maten te vergelijken met de maattabel van die uitgave. Zo zal je als je normaal gesproken maat 38 in de winkel koopt, waarschijnlijk maat 40 of 42 in de Burda hebben. Bij andere methodes kan je juist weer een kleinere maat nodig hebben. Bekijk dit goed, want het scheelt een hoop werk en frustratie als je meteen de goede maat overneemt.

Welke maten neem je?

De belangrijkste maten om op te meten zijn je bovenwijdte, taillewijdte en heupwijdte. Dit is de basis. De bovenwijdte meet je rondom je borsten. Je heupwijdte meet je om het breedste deel van je heupen. Over de taille wijdte bestaat wel eens verwarring: meet je rond je smalste punt, rondom bij je navel, op de hoogte waarop je rokje begint? Er zijn twee trucjes waarmee je op hetzelfde punt uitkomt. Makkelijk gezegd zit je taille waar je je handen in je zij zet. Wil je je taille wat preciezer bepalen, dan kan je je torso opzij buigen. Waar er links en rechts een knikje ontstaat, zit je taille.

Als je uitgebreid maten opmeet, kan je het beste in je taille een bandje plaatsen van knoopsgatenelastiek. Heel veel maten worden namelijk tot of vanaf de taille gemeten. Het is belangrijk dat je hiervoor steeds hetzelfde punt gebruikt.

Welke maat past bij mij?

Als je je maten hebt opgeschreven, vergelijk je die met de maattabel. Meestal val je niet binnen één maat. Zo kan je bijvoorbeeld voor je taille maat 38 hebben, voor je heupen maat 40 en voor je borsten maat 42. Welke maat kies je dan? Daarvoor zijn twee opties.

Je kan voor de zekerheid uitgaan van de grootste maat. Je weet dan zeker dat alles in je toekomstige kledingstuk past. Tijdens het doorpassen, kan je de ruimte die je over hebt afspelden en wegwerken. Voor eenvoudige patronen voor beginners is dit vaak een goede oplossing.

Je kan er ook voor kiezen om vooraf de maten aan te passen door niet het patroon in één maat over te nemen, maar de maten te laten verlopen. Je kledingstuk zit dan als gegoten. Wil je eens uitgebreid aan de slag met patronen aanpassen? Volg dan de workshop patronen aanpassen die start op 2 juni.

Radarpatroon

Als je met de Knipmode of Burda werkt, gebruik je radarpatronen waarop heel veel patroondelen kriskras door elkaar staan. In werkboek/patroonbeschrijving staat veel informatie die je op weg helpt. Ik geef je hierover tot slot drie tips:

  1. Bekijk welk patroonblad je nodig hebt.
  2. Bekijk welke kleur bij jouw patroon hoort. Alle lijnen, cijfers en tekst in een andere kleur kan je negeren.
  3. Trek jouw maat over met een opvallende kleur stift. Als je daarna het patroontekenpapier erover legt, zie je goed welke lijn je moet volgen.

 

Bewaren

Geef een reactie